



This page is a part of an online version of Tiens Tiens.
Rommelmarkt bij nacht
COLUMN
Tegenwoordig loopt iedereen te recycleren, te hergebruiken en behoorlijk tweedehands te wezen. Met een graad van interesse voor de materie die wonderwel omgekeerd evenredig blijkt met het benodigde budget om toch maar origineel te zijn.
Maar ooit, toen men wat oud en versleten was gewoon nog op straat gooide, was het toch stukken beter. Begrijp me niet verkeerd, ik zou niet willen dat het lijkt alsof ik te vinden ben voor sluiksorten of voor georganiseerd gemeentelijke-afvalmaatschappij-storten. Integendeel.
Fantastisch is het dat er zoveel spullen een nieuw leven gegund wordt.
Maar of dit nu is omdat we er zo ongelofelijk bewust mee omspringen, of omdat er gewoon verschrikkelijk veel meer geconsumeerd wordt, is nog maar de vraag.
Goudkoorts. Dat voelde ik de enkele avonden per jaar waarop het grof huisvuil aan de deur werd gezet. Tussen wrakken en vuil op zoek naar wat ik als schatten koester, maar voor menigeen overbodig bleek. De leukste en goedkoopste rommelmarkt van de stad. De standen van de markt stonden niet al te dicht bij elkaar, omdat niet elk gezin rommel weg te schenken had. Overigens durft men op een conventionele vlooienmarkt wel eens dingen te verkopen die niet, of niet meer naar behoren, werken, hoewel ze daar geen blijk van geven. Dat was op deze rommelmarkt wel anders: gedemonteerde grasmachines of geïmplodeerde televisies geven sowieso weinig hoop.
Je kon er zowat alles vinden, maar zoals je al kunt raden en verwachten bij tweedehands, speelde geluk de grootste rol. Maar misschien was het beste van al nog dat afbieden niet nodig was en betalen evenmin.
CHRISTIAAN DEBEUCKELAER
